Als werknemer kunt u te maken krijgen met situaties waarin u structureel meer uren werkt dan in uw arbeidsovereenkomst is vastgelegd. Dit kan gebeuren als u bijvoorbeeld op basis van een oproepcontract werkt, maar steeds vaker wordt opgeroepen om te werken. In dat geval kan er sprake zijn van een rechtsvermoeden van arbeidsomvang. Dit rechtsvermoeden stelt u in staat om de werkgever aan te spreken op de feitelijke uren die u werkt, zelfs als deze uren niet zijn vastgelegd in uw contract.
In deze uitgebreide blog leggen we uit wat het rechtsvermoeden van arbeidsomvang inhoudt, hoe het werkt en welke rechten en plichten daarbij horen. Dit artikel is bedoeld om zowel werknemers als werkgevers te informeren over dit belangrijke aspect van het arbeidsrecht.
Het is dus voor zowel werknemers als werkgevers belangrijk om het rechtsvermoeden van arbeidsomvang goed in de gaten te houden. Stel: u begint met een nulurencontract, maar wordt vervolgens structureel iedere week voor bijvoorbeeld 40 uur ingezet. Na drie maanden werken onder deze omstandigheden, geldt er in feite geen nulurencontract meer, maar ontstaat het recht op een arbeidscontract voor 40 uur per week. Het rechtsvermoeden zorgt er dan voor dat de daadwerkelijk gewerkte uren leidend worden, en biedt zo bescherming aan werknemers die structureel meer werken dan afgesproken.
Wat is het rechtsvermoeden van arbeidsomvang?
Het rechtsvermoeden van arbeidsomvang is een juridisch principe dat werknemers beschermt die structureel meer werken dan in hun arbeidsovereenkomst staat. Als u de afgelopen drie maanden meer uren heeft gewerkt dan in uw contract is vastgelegd, heeft u het recht om dezelfde hoeveelheid uren uitbetaald te krijgen, ook in de toekomst. Dit kan van toepassing zijn op diverse soorten contracten, zoals oproepovereenkomsten (nulurencontracten), min/max-overeenkomsten, maar ook reguliere arbeidsovereenkomsten.Wanneer is er sprake van een rechtsvermoeden van arbeidsomvang?
Er is sprake van een rechtsvermoeden van arbeidsomvang als u over een periode van drie maanden structureel meer uren heeft gewerkt dan overeengekomen. Dit betekent dat als u bijvoorbeeld volgens uw contract slechts 10 uur per week zou werken, maar u in de afgelopen drie maanden gemiddeld 20 uur per week heeft gewerkt, u recht heeft op betaling voor die 20 uur per week. De werkgever moet u dan blijven betalen op basis van de gemiddelde arbeidsomvang van de afgelopen drie maanden, zelfs als er tijdelijk minder werk is. Dit geldt ook als u minder wordt opgeroepen dan voorheen. Let op: De referentieperiode van drie maanden mag geen uitzonderlijke periode zijn waarin u tijdelijk meerwerk heeft verricht, bijvoorbeeld vanwege ziekte van collega’s of vakantiedrukte. Het moet gaan om een representatieve periode waarin sprake is van een vast werkpatroon.Voorbeeldsituatie
Stel, u heeft een nulurencontract en bent de afgelopen drie maanden wekelijks voor 25 uur opgeroepen. Uw werkgever besluit u in de volgende maand minder op te roepen vanwege een afname in werk, maar u heeft dan het recht om toch voor 25 uur per week betaald te worden. Dit komt door het rechtsvermoeden van arbeidsomvang, dat uitgaat van het gemiddelde aantal gewerkte uren in de afgelopen drie maanden.Uw rechten en vervolgstappen
- U kunt het rechtsvermoeden van arbeidsomvang inroepen door een verzoek bij uw werkgever in te dienen om het aantal contracturen aan te passen aan het gemiddelde van de afgelopen drie maanden.
- Controleer altijd of er specifieke afspraken over meerwerk zijn opgenomen in uw arbeidsovereenkomst of de toepasselijke cao.
- Heeft uw werkgever moeite met het aanpassen van de arbeidsomvang of weigert deze het verzoek? Neem dan contact op met een arbeidsrechtadvocaat. Een advocaat kan beoordelen of een gang naar de rechter zinvol is, of u begeleiden bij onderhandelingen met uw werkgever zonder tussenkomst van de rechter.
Voor wie geldt het rechtsvermoeden van arbeidsomvang?
Dit rechtsvermoeden is van toepassing op alle werknemers, inclusief uitzendkrachten en oproepkrachten. Het geldt ongeacht de vorm van het contract, of u nu een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, onbepaalde tijd, of een oproepovereenkomst heeft. Het enige vereiste is dat er sprake moet zijn van een structureel arbeidspatroon over een periode van drie maanden. Daarnaast is het belangrijk om te weten dat als u als uitzendkracht werkt, de uren die u via verschillende arbeidsovereenkomsten bij dezelfde werkgever heeft gewerkt ook meetellen voor het vaststellen van de arbeidsomvang.De referteperiode: Hoe werkt dit?
De referteperiode is de periode van drie maanden waarin uw werkuren worden geteld om de gemiddelde arbeidsomvang te berekenen. Dit moet een representatief beeld geven van uw werkpatroon. Als u bijvoorbeeld tijdens een piekperiode meer uren heeft gewerkt dan normaal, bijvoorbeeld in de zomer, dan kan deze periode mogelijk niet representatief zijn. In dat geval kan er een langere referteperiode worden gehanteerd om een reëler beeld van de arbeidsomvang te krijgen. Volgens de wet geldt dat wanneer uw arbeidsovereenkomst minimaal drie maanden heeft geduurd, wordt vermoed dat de arbeidsomvang per maand gelijk is aan het gemiddelde aantal gewerkte uren per maand in de afgelopen drie maanden. Dit betekent bijvoorbeeld dat als u als oproepkracht met een nulurencontract in de afgelopen drie maanden gemiddeld 30 uur per maand heeft gewerkt, u recht heeft op uitbetaling van deze 30 uur per maand. Zo wordt voorkomen dat u structureel meer werkt dan in uw contract staat, zonder een passende beloning te ontvangen. Let op: het gaat erom dat het gemiddelde over de drie maanden een realistisch beeld geeft van uw werkelijke inzet. Als de afgelopen drie maanden niet representatief zijn door uitzonderlijke omstandigheden (zoals tijdelijke drukte of ziekte van collega’s), kan de referteperiode worden aangepast om recht te doen aan uw normale werkpatroon.Wanneer is het rechtsvermoeden van arbeidsomvang niet van toepassing?
Het rechtsvermoeden van arbeidsomvang geldt niet in alle gevallen. Bijvoorbeeld:- Tijdelijk meerwerk: Als u tijdelijk meer uren heeft gewerkt vanwege uitzonderlijke omstandigheden, zoals het invallen voor een zieke collega, dan kan de werkgever zich beroepen op de tijdelijke aard van het meerwerk. De werkgever moet dit echter wel kunnen aantonen.
- Piekmomenten: Wanneer u tijdens seizoensgebonden werk piekuren maakt, bijvoorbeeld in de zomer of tijdens feestdagen, kan de referteperiode worden aangepast om een realistischer beeld te geven van uw gemiddelde uren.
